Polygeen cardiovasculair risico — eigen WGS-analyse, 4-sporen-monitoring, therapie-pijplijn.
Op 14–15 mei 2026 reproduceerde ik vanuit eigen WGS (30×, GRCh37) de vier cardiovasculaire polygenic risk scores van TellMeGen. Alle vier landen consistent in de top ~1% van Europese voorouders. Aanleiding voor een eigen project sinds 26 mei 2026: de NEJM-publicatie van VERVE-102 — base-editing van PCSK9, eenmalige IV-infusie, 88% PCSK9-reductie en 62% LDL-reductie over 18 maanden. Eerste echte paradigm-shift in CVD-preventie.
| Conditie | Bron-GWAS | Onno percentiel | TellMeGen |
|---|---|---|---|
| Coronaire hartziekten | van der Harst 2018 | 96,8% | 99% |
| Myocardinfarct | Hartiala 2021 | 99,9% | 99,5% |
| Perifere arteriële aandoening | Klarin 2019 | 99,5% | 99% |
| Angina pectoris | Sakaue 2021 | 99,5% | 99% |
De vier traits hebben hoge genetische correlatie (rg > 0,80) — ze meten in essentie hetzelfde polygene atherosclerose-signaal vanuit verschillende invalshoeken.
| APOE ε2/ε3 | ε2-allel werkt protectief voor CHD (~10–20% lager risico vs ε3/ε3) |
| Geen Factor V Leiden | Wild-type C/C op rs6025 — bewuste GRCh37-referentie-quirk omzeild |
| Thrombofilie-panel schoon | F5, F2, MTHFR-C677T allemaal niet-carrier; MTHFR-A1298C klinisch irrelevant alleen |
| Bloeddruk normotensief | 124/70 (consult 26 mei) — normaal-optimaal volgens ESC (<130/<85) |
| Hartauscultatie schoon | Geen souffles — niet bewijzend voor afwezigheid HCM, wel geruststellend |
CVD is polygeen (honderden varianten, brede preventie) — niet monogeen zoals het MYO6-gehoorspoor. Maar de sporen-structuur werkt: één spoor per interventie-modus, één voor preventie/monitoring, één voor het cardiale-structurele subdomein.
Drie genen domineren de moderne lipiden-gentherapie. Elk grijpt op een ander mechanisme aan, en elk is onderbouwd door mensen die natuurlijk loss-of-function-varianten dragen en daarmee een lager CVD-risico hebben.
| Target | Normale rol | Effect bij uitschakelen |
|---|---|---|
| PCSK9 | Breekt LDL-receptoren af op levercellen | ~50–60% lagere LDL-cholesterol |
| ANGPTL3 | Remt lipoproteïne-lipase | Triglyceriden ↓, LDL ↓, totaal cholesterol ↓ |
| LPA | Maakt apolipoproteïne(a), bouwsteen Lp(a) | Lp(a) ↓ — anders onaanpasbaar |
Huisartsconsult van 26 mei 2026 leverde drie van drie verzoeken op: cardio-verwijzing (HCM-uitsluiting), DPOAE-baseline (gehoor), uitgebreid lipidenpaneel + ApoB + Lp(a).
| Klassiek lipidenpaneel | LDL-C, HDL-C, triglyceriden, non-HDL, ratio's |
| ApoB | Atherogene-deeltjes-telling — directer dan LDL-C |
| Lp(a) | Eenmalig in leven te meten, ESC 2022 consensus |
| HbA1c + glucose | Diabetes-screening |
| Creatinine + eGFR | Caveat: creatine-suppletie geeft artefact; eventueel Cystatine C later |
| Echo + ECG | Eerste HCM-uitsluiting bij DFNA22 / MYO6 |
Voor dit profiel (hoog PRS, normotensief, ex-roker, 50 jaar):
| Uitslag | Implicatie |
|---|---|
| LDL-C <2,6 · ApoB <1,0 · Lp(a) <30 | Risico in absolute zin laag-intermediate ondanks PRS. Onderhoud, herhaalmeting elke 3–5 jaar. |
| LDL-C 2,6–3,5 of ApoB 1,0–1,2 | Intermediate — CAC-score overwegen om beleid te sturen; lichte statine na CAC. |
| LDL-C >3,5 of ApoB >1,2 | Statine-discussie wordt sterker. Familial-hypercholesterolemia-screening mogelijk geïndiceerd. |
| Lp(a) >50 mg/dL | Onafhankelijke risicofactor; statine-drempel lager, agressievere LDL-target. Monitoring-relevantie omhoog. |
| Lp(a) >180 mg/dL | Monogenic-equivalent zeer hoog risico — lipidoloog-verwijzing op zijn plek. |
Vier kolommen, gesynchroniseerd met het Obsidian-Kanban van het CVD-project. Door-Claude-uitvoerbare items zijn gemarkeerd.
Uit de Afshine-draad en eigen lezing — vier kritieken op de "verlaag LDL met gentherapie"-mantra die het waard zijn op tafel te houden.
Klassiek advies "neem af en toe een aspirine om je bloed te verdunnen" is sinds 2018 uit de meeste internationale richtlijnen geschrapt voor primaire preventie. Drie grote RCT's (ASPREE, ARRIVE, ASCEND) toonden geen mortaliteits- of CVD-benefit bij gezonde 50-65-jarigen, wel verhoogd bloedingsrisico.
USPSTF 2022 (grade D voor 60+) en ESC 2021 CVD-prevention: niet aanbevolen als standaardadvies. Bij 40–59 met ≥10% 10-jaars ASCVD-risico én laag bloedingsrisico te overwegen — maar nooit als reflex op alleen een PRS.